Aanmelden nieuwsbrief

zoeken

interview Annemiek Onstenk - GK magazine: 'Ik wilde op zoek naar de echte Annemarie Grewel'

Annemarie Grewel was een machtige en invloedrijke vrouw vanaf het moment dat ze op haar 40e uit de kast kwam. Maar tot het einde van haar leven hield ze haar privé-leven goed verborgen. Ze was hierover gesloten als een oester. Na twee jaar research schreef Annemiek Onstenk een persoonlijk portret van deze strijdbare homo- en vrouwenactiviste. In het boek rekent ze voorgoed af met de mythe rond Grewel. Had Grewel ook een andere kant? En wat is er overgebleven van haar erfenis? Was haar leven één grote leugen zoals haar ex-vriendin Nelly Frijda ooit beweerde? GK Magazine sprak met de auteur wier leven lange tijd in het teken stond van Grewel.

 

Tekst: Paul Hofman

Annemiek OnstenkZelf heeft ze Grewel nooit gesproken vertelt ze in een Amsterdams cafe. Toen Onstenk in de jaren negentig raadslid was en haar in de raadszaal zag keek Annemarie haar zo ijselijk koel aan dat de lust tot nadere kennismaking haar verging. Ze raakte gefascineerd door haar. Tien jaar geleden overleed deze markante vrouw die door Het Parool uitgeroepen werd tot een van de grootste Amsterdammers van de eeuw.  “Ik was nieuwsgierig naar haar leven. Want eigenlijk wisten we niet veel van haar leven. Ik wilde op zoek naar de echte Grewel. Tijdens de research voor het boek kwam ik een aantal dingen tegen die niemand wist. Bovendien intrigeerde het me als socioloog ontzettend dat ze in het publieke domein zo open leek terwijl ze als mens ondoorgrondelijk was.” Zo ontdekte ze dat Grewel dertig jaar als pedagoge bij een instituut van de Gemeentelijke Universiteit werkte maar daar de kantjes er vanaf liep. Was ze lui? Onstenk denkt even na. “Zo zou je het wel kunnen omschrijven. Ze heeft daar weinig prestaties neergezet. Vaak kwam ze ’s ochtends laat binnen en ging dan weer vroeg weg.” Haar armzalige staat van dienst als wetenschapper is opvallend. Vergoelijkend: “Dat waren wel de jaren zestig en zeventig, waarin dat kon.” Volgens Onstenk heeft Annemarie gewoon niet de juiste beroepskeuze gemaakt.

Als kind van joodse ouders wordt ze voor de oorlog geboren. Ze heeft nog een broertje. Haar problematische verhouding met haar moeder laat diepe sporen na. In interviews zegt ze vaak dat haar moeder hysterisch en zeer dominant was. Met haar vader heeft ze een hechte band. Als kind vond haar moeder haar lelijk. Dat is ze nooit vergeten. Later scheiden haar ouders. Onstenk vertelt dat haar beeld van Grewel tijdens het schrijven van het boek wel veranderde. “Ze was een vrouw met invloed en macht. Maar zo stevig en standvastig ze eruit zag, zo zwak was haar fundament.”

Annemarie Grewel, een portretNa haar jeugd besluit ze pedagogiek te gaan studeren. Ze wil iets met en voor kinderen doen. Als ze met haar studie klaar is komt ze terecht bij het Pedagogisch Didactisch Instituut van de Gemeente Universiteit. De jaren vijftig en zestig gaan voorbij. Over die periode is niet heel veel bekend. Als mens leidt ze volgens Onstenk deels een ondergronds leven. In die tijd heeft ze wel voor het eerst een langdurige relatie met een vrouw. Toch zal het tot halverwege de jaren zeventig duren voordat ze haar coming-out beleeft. “Het verloopt heel anders dan je van een dijk van een pot als Grewel zou verwachten,” zegt Onstenk. Waarschijnlijk heeft ze tot na de dood van haar beide ouders gewacht alvorens definitief uit de kast te komen. Was het misschien angst voor weer een afwijzing? “Dat moet heel moeilijk voor haar geweest zijn.” Humor wordt echter haar afweermechanisme.
Het jaar 1975 betekent in meerdere opzichten een ommekeer. Het is voor haar een bevrijdingsjaar, een breuk met het verleden. Want niet alleen overlijdt haar moeder, ze begint ook een nieuwe relatie en ze wordt gevraagd als voorzitter van de Universiteitsraad van de Amsterdamse Gemeente Universiteit. Die rol is haar op het lijf geschreven. Want dat kan ze perfect. De ‘liefde van haar leven’ is actrice Nelly Frijda die later landelijke bekendheid krijgt als Ma Flodder in de film Flodder. Haar leven krijgt een andere wending. Ze bloeit op en niets houdt haar geluk nog tegen. Of toch?

Al snel worden haar talenten ontdekt. Jaren later wordt ze een beetje gekscherend wel ‘de Voorzitter van Nederland’ genoemd. Ze maakt er een heel theater van. Strengheid, botheid en openheid kenmerken haar optredens in diverse gremia. Ze geniet ervan in de schijnwerpers te staan. Naar buiten toe is ze hard maar in haar persoonlijk leven blijkt ze kwetsbaar en onzeker te zijn. Een totaal andere Annemarie manifesteert zich in de relatie met Nelly Frijda. Hun relatie verloopt stormachtig. Berucht zijn de vaak openlijke ruzies en het drankgebruik. Menig Amsterdamse barkeeper herinnert zich nu nog de heftige ruzies tussen beide dames. Grewel’s favoriete drankjes zijn pils en jenever. Na veertien jaar liefde is eind jaren tachtig de koek op.

Voor Nelly Frijda is het nog altijd een gevoelig onderwerp. Ze weigert aan het boek mee te werken. Waarom eigenlijk? Volgens Onstenk is de wond van het einde van de relatie nog altijd niet geheeld. De turbulente periode levert een ontluisterend beeld op. Het ontlokte Nelly Frijda de opmerking dat het leven van Grewel één grote leugen was. “Frijda wil het hoofdstuk voor eens en altijd afsluiten en daarom was ze denk ik onvermurwbaar.”

Grewel is niet op haar mondje gevallen en valt ook in de PvdA op, waar ze tijdens partijcongressen de rol van voorzitter vervult. Veel mensen herinneren zich nog haar scherpe tong. Was het een pose of was ze zo? “Natuurlijk zette ze die rol wel iets aan. Maar als Grewel iets vond liet ze dat ook heel duidelijk merken.” Na haar coming-out zet ze zich met hart en ziel in voor de homo-emancipatie. In korte tijd wordt ze een boegbeeld van zowel de homo- als de vrouwenbeweging. Ze stelt zich fel teweer tegen racisme en discriminatie.

Toch is niet alles goud wat er blinkt. In 1983 komt het burgemeesterschap van Amsterdam vrij. Haar interesse is gewekt en enthousiast doet ze een gooi naar de functie. Amsterdam lijkt rijp voor een vrouwelijke burgemeester. Maar ondanks haar campagne wordt apparatsjik Ed van Thijn burgemeester. Grewel blijkt te licht te zijn voor de job. Grewel is teleurgesteld maar neemt haar verlies manmoedig. Later zullen Grewel en Van Thijn menigmaal de degens kruisen in de raadszaal. Want haar politieke interesse uit zich nu in het raadslidmaatschap voor de PvdA. Twaalf jaar zet ze zich in de raad in voor onder andere de allerzwaksten in de samenleving. Toch is ze min of meer een ongeleid projectiel. “Je zou kunnen spreken van de fractie Grewel.” vertelt Onstenk met een knipoog. “Qua inhoud was ze in de fractie een buitenbeentje. Ze was loyaal maar voor de partij te links. En ze opereerde teveel als een eenling.” Haar droom om minister te worden gaat onder andere om die reden nooit in vervulling. Politiek blijft de rode draad in haar verdere leven.

Want als ze rond de zestig is komt ze in de Eerste Kamer. Het blijkt totaal iets anders te zijn dan het politieke handwerk in de Amsterdamse raad. Het vergt een andere aanpak. Toch weet ze zich te handhaven door zich vast te bijten in de taaie materie van wetten. Ze verloochent haar karakter niet. Ze blijft compromisloos. Zo zegt oud-staatssecretaris Elske ter Veld in het boek dat Annemarie Grewel met haar kritische geest en onafhankelijke denken altijd resoluut en recht op haar doel afgaat. Water bij de wijn doen is niets voor Grewel. Ze heeft de eerste vergaderingen er nog niet opzitten of Grewel wordt ziek. Ze blijkt kanker te hebben en na een operatie wordt duidelijk dat ze uitzaaiingen heeft. Haar doodvonnis is geveld. De chemotherapie en haar sterke levenswil zijn niet voldoende. Haar naderende dood maakt haar niet milder. Ze verandert geen spat. Als presentator Jack Spijkerman haar, met een opgezet en kaal hoofd, tijdens een televisie-uitzending vraagt of ze milder is geworden zegt Grewel ad rem: “Nee, ik heb geen kanker aan mijn tong.” Het is Grewel ten voeten uit. Tot het laatste moment van haar leven doorbreekt ze taboes. Langzaam maar zeker tast de kanker haar hersenen aan. Ze wordt een schim van wie ze ooit was. Kort voor haar dood wordt ze nog ondervoorzitter van de Eerste Kamer. Eind februari 1998 overlijdt ze na een vreselijke doodsstrijd.

Het is triest dat ze tien jaar na haar dood binnen de partijburelen van de PvdA vrijwel vergeten blijkt te zijn. “Dat raakt me. Tegelijkertijd bevestigt het mijn conclusie dat haar politieke betekenis minder groot is geweest dan ik dacht.” De vrouwen- en de homobeweging dragen haar echter op handen. “Ze was een buitengewoon bijzonder mens.” Maar waarom worden Grewels columns voor de Gay Krant niet genoemd? Schuldbewust: “Dat is een foutje van mij, dat ik in een tweede druk hoop te kunnen herstellen.”
 
Er zijn positieve en negatieve reacties op haar boek. Onstenk blijft er nuchter onder. Zo zou ze Grewel in een te negatief daglicht hebben geplaatst. Of ze zich daarin kan vinden? Dat ze tot mythische proporties is opgeblazen komt volgens de auteur omdat mensen nu eenmaal altijd behoefte hebben aan helden. “Mijn boek is geen afrekening met Grewel. Maar ik kraak wel een aantal kritische noten, bijvoorbeeld over haar werkzaamheden als pedagoog en over journalisten die Annemarie Grewel groter hebben gemaakt dan ze was. Door haar gesloten karakter zijn haar talenten niet volledig tot bloei gekomen.”

Over Annemiek Onstenk

Over Annemarie Grewel, een portret