Aanmelden nieuwsbrief

zoeken

Schrijftips

In Nederland schrijven een miljoen mensen aan een roman, stond een tijdje geleden in de krant. Bijna twee miljoen Nederlanders hebben een weblog. Kortom, we schrijven nogal wat af met ons allen. Schrijven is één ding, goed schrijven is een tweede. Lesbischlezen.nl geeft je hieronder een aantal tips waarmee je je voordeel kunt doen bij het schrijven van fictie.


Tip 1: schrijf geen autobiografie
Hoeveel vrienden en bekenden ook zeggen 'oh, dat moet je opschrijven': alles wat zich in jouw leven heeft afgespeeld achter elkaar op papier zetten levert níét automatisch een goed boek op. Hoe spectaculair je leven ook is (of was). Natuurlijk kun je autobiografische elementen gebruiken, maar verwerk die dan in een goed lopend, boeiend, logisch, geloofwaardig verhaal. Dan heb je ook meteen de slag te pakken voor je tweede boek, mocht het eerste een bestseller worden.

Tip 2: vertrouw niet op je vrienden
Familie en vrienden zijn altijd ten volle bereid om als proeflezer te fungeren. Dat is heel aardig en het kan je vooruit helpen, maar bedenk wel dat vrienden jouw manuscript of verhaal anders zullen lezen dan mensen die er verstand van hebben. Vrienden kijken of ze jou erin herkennen, en, nog erger, of ze zichzelf erin herkennen. Je krijgt je manuscript terug met de mededeling dat het 'helemaal jij' is. Leuk, maar daar heb je dus geen donder aan, en de lezer al helemaal niet. Laat je manuscript lezen door iemand die jou niet kent en die dus kritiek durft te geven, bij voorkeur een deskundige. Vraag die persoon om te letten op de criteria die bij Tip 7 genoemd worden.

Tip 3: werk aan je schrijftechniek
Het is fijn als je de gave hebt om een verhaal te vertellen, talent is prachtig. Maar met talent alleen kom je er niet. Iemand die een geweldig technisch inzicht heeft, kan niet meteen auto’s repareren en je kunt nog zo’n mooie zangstem hebben, voor je in het Concertgebouw een hoofdrol in Carmen kunt spelen moet je echt een paar zanglessen gehad hebben. Bovendien is het makkelijker om dat verhaal te vertellen als je weet hóé. Op de Schrijversvakschool kunnen ze je een aardige basis bijbrengen. Daarnaast zijn er verschillende schrijvers die workshops en trainingen geven (Adriënne Nijssen en Anja de Crom bijvoorbeeld).

Tip 4: weet hoe je tekst eruit moet zien
Uitgeverijen en (online) magazines stellen allemaal hun eigen eisen aan het uiterlijk van teksten, maar er zijn overeenkomsten. Bij dialogen bijvoorbeeld begint een nieuwe spreker altijd op een nieuwe regel. Handig om te weten: zo kun je je verhaal vaart geven omdat je niet voortdurend 'zei Marie' en 'zei ze' hoeft te gebruiken. Speelt een alinea zich af op een andere plaats of een ander tijdstip dan de vorige en wordt er geen nieuw hoofdstuk gestart? Dan zal er vrijwel altijd een witregel gebruikt worden. Zo zijn er meer kenmerken die voor bijna alle boeken gelden. Pak er maar eens een boek bij en noteer alles wat je opvalt. Vaak kun je de eisen die uitgeverijen stellen trouwens gewoon opvragen.

Tip 5: hou de grote lijn in de gaten
Een boek bestaat meestal uit een of meer grote lijnen en een aantal sublijntjes. Voorkom dat je je verliest in onbelangrijke details. Schrijf die grote lijn(en) ook op, maak desnoods een schema waarin je naast de grote lijnen duidelijk aangeeft welke sublijntjes op zichzelf staan en welke in dienst staan van de grote lijn. En bedenk ook dat je de lijnen kunt veranderen als jij dat wilt. Je bent nergens toe verplicht, het is tenslotte jouw boek.

Tip 6: maak een dossier
Als je een eindje op weg bent met je manuscript, kan het slim zijn om een dossier aan te leggen, waarin je je personages omschrijft. Het is voor een lezer namelijk nogal storend om op pagina 37 te lezen dat iemand walgt van schelpdieren en hem vervolgens op pagina 105 vrolijk aan de gamba’s te zien zitten. Informatie die je in een dossier kunt opnemen: geboortejaar, uiterlijke kenmerken, opleiding, familie, partner, beroep, hobby’s, onhebbelijkheden, geheimen uit het verleden etc.

Tip 7: neem pauze
Heb je je verhaal of manuscript af? Ren dan niet meteen naar de brievenbus om twintig kopieën naar uitgeverijen en tijdschriften te sturen en ga al helemaal niemand per mail spammen met je manuscript. Laat het rustig een maandje liggen en kijk er dan nog eens naar. Probeer afstand te nemen en beoordeel je manuscript op de volgende criteria:

  • Stijl: spreekt jouw schrijfstijl de doelgroep aan? Is de stijl consequent doorgevoerd?
  • Spanningsopbouw: houdt je verhaal de lezer voortdurend geboeid? Zakt het nergens in?
  • Personages: zijn de personages levensecht en verschillen ze voldoende van elkaar? Zijn ze voldoende uitgewerkt om de lezer een duidelijk beeld te geven? Kan de lezer zich in de hoofdpersoon en eventuele andere personages verplaatsen?
  • Structuur: is het manuscript helder en logisch opgebouwd?
  • Perspectief: is er gekozen voor een begrijpelijk perspectief?
  • Geloofwaardigheid: zijn de gebeurtenissen en de personages geloofwaardig?
  • Samenhang: is het een opsomming van gebeurtenissen of een consistent verhaal?
  • Verhouding grote lijn/details: zijn de details relevant voor het verhaal, blijft de grote lijn helder in beeld of wordt er (te) vaak van afgedwaald?

Kun je zelf niet genoeg afstand nemen om je eigen manuscript te beoordelen? Lees dan vooral tip 8.

Tip 8: laat je begeleiden
Een schrijfcoach, manuscriptbeoordelaar of -begeleider kan je helpen om de puntjes op de i te zetten, technische tips en trucs geven, met jou werken aan de dingen waar je moeite mee hebt of over twijfelt, je manuscript voor je doorlezen en suggesties voor verbetering geven, kortom: er samen met jou voor zorgen dat je teksten beter worden. Let wel: niemand kan garanderen dat je boek uitgegeven wordt.

Tip 9: wacht nog even met je baan opzeggen
Van schrijven word je niet rijk. Oké, een enkeling lukt het, maar de kans dat je als debuterend schrijver meteen de top van de bestsellerlijst haalt is niet zo heel groot. De inkomsten van schrijvers bestaan uit royalty's (een percentage van de verkoopprijs per verkocht boek). Soms krijg je een voorschot, dat je meestal weer moet inlopen met je royalty's. Dat betekent dat je royalty-uitbetaling langer op zich zal laten wachten. Lood om oud ijzer dus. Hou je baan dus lekker aan en schrijf in je vrije tijd.

Veel succes bij het schrijven!